Zonnebloemen

Slaap zit aan de binnenkant

Wat te denken van mensen die eisen dat je hun schoenen uitdoet in hun huis, maar zelf zonder schroom op je tapijt komen lopen?

Ik heb een scherpe reeks herinneringen verbonden aan de sensatie van een onaangeraakt glas champagne, muurtegels met bloemetjes en wollige tapijten.

Ik hou van mensen die de moeite nemen om kommetjes te vullen met dingen als ansjovis of gepekelde olijven, en niet gewoon het potje op tafel zetten.

“Bon wat zijn de plannen?”
“Wat wil je drinken? Kahve, chai?”
“Doe maar een chai latte. Weet je hoe je dat moet maken?”
“Ja. Of wil je wat champagne?”
“Nee, bedankt.”
“Kom, ik heb nog een fles openstaan van gisteren.”

(Hij deed de frigo open, nam de desbetreffende fles, en goot 20cl uit in een wijnglas. Ik weet niet of ik de geste moet apprecieren of net verachten. Ik zie dat wijnglas nog duidelijk voor me, maar kan niet meer zeggen of het de hele duur van het verhaal gewoon op tafel blijft staan of plots gewoon verdwijnt.)

“Heb je ooit een vrouw gezien met witte naaldhakken?”
“Nooit, nee.”

We zaten samen een schilderijtje te bekijken waar niet één, maar drie dergelijke dames op stonden. Het leek of ze net hun taxi hadden betaald, en op het punt stonden de richting op te lopen van de oranje gloed in de achtergrond, een soort quartier latin. Iets in die kleur suggereerde jazz, rinkelende lachjes en vers geknipte sigaren. Het was een warme lente-avond en het asfalt blonk na van de regen.

“Krijg je ook geen zin om daar heen te wandelen?”

Ik nam een wandelstok uit een staander en liep ermee richting het balkon.

“Is dit echt ivoor?”
“Mijn vader koopt dat tweedehands.”
“Het ruikt nog naar olifanten.”

“Heb je ergens tabak liggen?”

“Ik hou van hun witte hakken.”

Later, in een droom.

Mijn ogen kijken binnen in een camera obscura vol tollende scherpschuttersrozen. Het apparaat zag men vroeger ook wel eens, in oogartsenpraktijken van de vorige eeuw.

(“Staat het sterretje in of buiten de cirkel?” Dat gek, hakkelend getuut. “In de buitenste cirkel.” “En nu?” “Erbuiten.” “Nu dan?” “In het hart van de cirkel.”)

We zoomen uit en de zwarte achtergrond krijgt de kleur van menselijk vlees.

In mijn droom was Jersey kaalgeschoren. Ze zat in kleermakerszit met een witte kaketoe op haar schouder. Ze droeg een blauwe polo met witte knoopjes. Tussen ons in lag een picknickdeken opengespreid, in het midden
een gevierendeelde ananas (geroosterd),
bokalen met worstjes en citroen,
een botervlootje,
brood,
een kruik madeliefjes,
en bij wijze van melkkan
een porceleinen koala met een mond als giettuitje.

Ik neem een douche om wakker te worden, maar slaap zit aan de binnenkant.

Als ik de lift neem, hoor ik bloed pompen: kada-doem, kada-doem, kada-doem, kada… De halsslagader van mijn woonst.

De tram is een uitgerokken slaapkamer. Wakkerworden in accordeonformaat.

Advertenties
Standaard

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s